2-delig segmentboogvenster met roedes

Kastkozijnen

Het kastvenster bestaat al ongeveer 200 jaar en is tegenwoordig vooral terug te vinden in historische gebouwen en karakteristieke panden. Het bestaat uit twee raamvleugels die achter elkaar zijn geplaatst, waardoor er een tussenruimte ontstaat die lijkt op een kastconstructie. De oorspronkelijke functie van het kastkozijnen-systeem was gericht op thermische isolatie. Vroeger was de glasproductie namelijk nog niet zo ver ontwikkeld als vandaag de dag, waardoor men uitsluitend enkel glas gebruikte. De luchtlaag tussen de twee vensters zorgde voor een duidelijk betere warmte-isolatie. Tegenwoordig wordt deze constructie vooral toegepast bij monumentale panden of wanneer er behoefte is aan een hoge mate van geluidsisolatie.

Opbouw van Kastkozijnen

Kastkozijnen bestaan uit twee parallel achter elkaar geplaatste raamvleugels. De vleugels kunnen afzonderlijk van elkaar worden geopend en gesloten. Ze zijn met elkaar verbonden via het kozijnkader (omvattingskozijn). Wanneer beide vensters gesloten zijn, ontstaat de kenmerkende kastvorm met een tussenruimte tussen de vleugels.

Het kozijn

Het raamkozijn bestaat traditioneel uit hout. Dit beproefde materiaal werd eeuwenlang toegepast. Tegenwoordig ziet men bij oudere kastvensters nog vaak houten ramen terug. In veel gevallen zijn deze oude houten kozijnen door weersinvloeden en vocht vervormd. Hierdoor ontstaan kieren in het kozijn, waardoor koude tocht de binnenruimte kan binnendringen. Oude kastkozijnen kunnen desgewenst worden vervangen door nieuwe exemplaren van hout of kunststof.

Het glas

De raambeglazing van oude kastvensters bestaat doorgaans uit enkel glas. Zowel het buiten- als het binnenraam is voorzien van één enkele glasplaat. Volgens de huidige energie-eisen moeten ramen aan bepaalde isolatiewaarden voldoen. Bij het vervangen van oude ruiten is het daarom aan te raden om te kiezen voor moderne meerlaagse beglazing. Let er daarbij op dat de isolatiewaarden van de gevel en het venster goed op elkaar zijn afgestemd.

De bovenlichten

Kenmerkend voor kastkozijnen is ook de constructie met bovenlichten. Bovenlichten zorgen voor extra daglicht in de binnenruimtes. Veelvoorkomend zijn varianten met een boogvorm, zoals een steekboog of segmentboog. Vaak worden deze vast beglaasd uitgevoerd of met een hendel in kiepstand gezet om de ruimte te ventileren. Bij oudere vensters komen hoge constructies regelmatig voor. Vroeger bespaarde men hiermee op de kosten van een brede latei. Ook ramen met onderlichten waren destijds geen uitzondering.

Kastkozijnen bieden wij momenteel niet aan. In ons assortiment vindt u daarentegen moderne ramen met isolerende beglazing.

Ramen in verschillende materialen

Soorten Kastkozijnen

Er zijn twee soorten kastkozijnen. Men maakt onderscheid tussen het Berlijnse of Weense kastvenster en het Hamburgse of Grazer venster. Beide modellen hebben wij hieronder overzichtelijk met elkaar vergeleken:

Berliner / Weense Kastkozijnen Hamburger / Grazer Kastkozijnen
beide vleugels openen naar binnen binnenste vleugel opent naar binnen & de buitenste naar buiten
beschikt over geen glasoppervlak beide vleugels beschikken over een glasoppervlak
beschikt niet over een tussenruimte, beide vleugels zijn direct via het kozijnkader met elkaar verbonden beschikt over een grote tussenruimte die decoratief kan worden ingericht
Voordeel: zijn beter bestand tegen weersinvloeden & hebben een lange levensduur, omdat beide vleugels naar binnen openen en daardoor niet direct aan neerslag worden blootgesteld Voordeel: de vrije tussenruimte kan worden aangekleed met bloemen & decoratie
Voordeel: eenvoudiger te reinigen, omdat beide vleugels naar binnen openen Voordeel: grote glasvlakken zorgen voor veel daglicht
Nadeel: de buitenste ruit moet kleiner zijn zodat deze naar binnen kan openen & zorgt daardoor voor minder daglicht Nadeel: de naar buiten openende ruit wordt blootgesteld aan weersinvloeden & heeft daardoor een kortere levensduur

Veelgestelde vragen over Kastkozijnen?

Wat is een kastvenster?
Een kastvenster bestaat uit twee parallel achter elkaar geplaatste raamvleugels. De buitenste en de binnenste vleugel vormen samen een tussenruimte die lijkt op een kastconstructie. Elke vleugel was doorgaans voorzien van één enkele ruit (enkel glas). Kastkozijnen worden al ongeveer 200 jaar toegepast en waren tot in de jaren 60 veel in gebruik. De oorspronkelijke functie was gericht op warmte-isolatie, zodat binnenruimtes minder snel afkoelden.

Waarvoor worden kastkozijnen gebruikt?
Kastkozijnen werden oorspronkelijk ontwikkeld om een betere thermische isolatie te realiseren. Door de afstand tussen de twee raamvleugels ontstonden minder koudebruggen, waardoor kou van buiten minder snel naar binnen kon doordringen. Tegenwoordig worden moderne isolerende ramen geproduceerd met dubbele of driedubbele beglazing en meestal met één vleugel. Kastvensters worden vandaag de dag vooral nog toegepast bij monumentale panden of wanneer een raam met een hoge geluidsisolatie gewenst is.

Hoe opent men een kastvenster?
Er zijn twee manieren om een kastvenster te openen. Ofwel openen beide vleugels – zowel de buitenste als de binnenste – naar binnen (Berlijns/Weens model). In dat geval moet de buitenste vleugel kleiner zijn, zodat deze door de opening past. Of de buitenste vleugel opent naar buiten en de binnenste naar binnen (Hamburgs/Grazer model). Hierbij is het nadeel dat de buitenste vleugel sneller slijt, omdat deze tijdens het ventileren onbeschermd aan weersinvloeden wordt blootgesteld. Meer informatie vindt u bij de raam-openingssystemen.

Gratis levering

Bij een bestelling van 10 ramen of meer in Nederland!

Vraag nu een offerte aan voor kunststof kozijnen